VERON afdeling Friese Wouden
Afdelingsblad 'CQ Friese Wouden'
door PAoZH
In dit voorlaatste deel komt het Pi-filter en de HS
voorziening aan de orde. O ja, wat ik misschien nog moet vermelden is dat de
buisvoet +- 10 mm onder het chassis gemonteerd moet worden, dusdanig dat de
vernikkelde ronde plaat die in de buis zichtbaar is, gelijk komt te liggen met
het chassis.
De rooster aansluitingen dienen zo kort mogelijk aan aarde te
worden geleqd, liefst met koperen stripjes. C8 en C9 zijn ontkoppelcondensatoren
van resp. 100pF en 1000pF, dit zijn van die schijfcondensatorsn van 4KV. L2 is
een heel belangrijk onderdeel n.l. de HF choke. In de handboeken kun je hiervan
verschillende constructies vinden die in het kort echter hier op neerkomen:
Hoe kun je aan deze voorwaarden voldoen? Het eerste punt
spreekt voor zichzelf. Het tweede punt: De spoelvorm kun
je maken van teflon, polycarbonaat, of efn bfstaanda keramische vorm nemen van
25 mm rond en 120 mm lang. Op 10 mm van de uiteinden van het spoellichaam maak
je d.m.v. 2 klemmetjes of M3 boutjes de 2 aansluitingen. Hiertussen wikkel je de
geisoleerde koperdraad, wikkelingen strak en stijf tegen elkaar aanleggen! Als
je straks de versterker hebt afgebouwd neem je de griddipper en houdt deze bij
de spoel om te bepalen waar de resonantiefrequenties liggen, e.e.a. zonder
spanning op de buis natuurlijk. Hiermee voldoe je aan de voorwaarde van het
derde punt. Liggen de resonantiefrequenties in of nabij je werkfrequenties, dan
kun je dit corrigeren door de spoel iets af te wikkelen. Klopt alles, dan de
spoel insmeren of dompelen in epoxylak.
Ik raad je in ieder geval aan het artikel over HF-chokes in
het september nummer 1983 van Electron te lezen (blz 458). Probeer ook eens zo'n
spoel te maken! Doordat de choke L2 verticaal gemonteerd is, komt de bovenkant
ongeveer gelijk te liggen met de topaansluiting van de buis. Deze topaansluiting
moet je zelf maken van een stripje koper of staal- plaat, wat je van te voren om
een ronde pen met dezelfde diameter als je topraasluiting rondbuigt.
Dit beugeltje voorzie je van een M3 boutje waarmee de zaak om
de top geklemd wordt. Aan de uitloper van dit beugeltje soldeer je een draad die
naar L2 gaat. Eveneens aan de top van de HF choke L2 monteer je de condensator
C10 van 1000pF, 5 a 10kV. Deze condensator moet van goede kwaliteit zijn en voor
dit doel geschikt, b.v. keramische toncondensator of een mica condensator met
aan weerskanten een schroefdraadaansluiting van 3/16". C11 is de tuning
condensator met een minimale capacitcit van 230pF en een plaatafstarnd van
minimaal 1mm per 1000V. Heb je niet zo'n condensator maar één met kleinere
capaciteit, dan moet je de resterende capaciteit bijschakelen op 80 meter. Deze
condensator wel met een vertraging (ball drive) uitvoeren naar het front. C12 is
de loading condesator van minimaal 1500pF met een plaatafstand van minimaal 0,5
mm. Deze C kan zonder vertraging worden bediend.

L8 is een HF choke van 2,5 mH, deze waarde is
niet kritisch, L8 dient voor het laten afvloeien van de lading in C1O, C11 en
C12 als het antennerelais wordt omgeschakeld op ontvangst. We komen nu bij één
van de moeilijkste onderdelen van de versterker, n.l. de
tankkring. Deze bestaat uit de wikkelingen L3 voor 10m, L3 en L4 voor 15m,
L3+L4+L5 voor 20m, L3 t.e.m L6 voor 40m en de gehele spoel voor 80m. In het ARRL
handbook staan verschillende Pi-filter constructies beschreven en ik raad je aan
die te lezen. Voor de volledigheid volgen hier de afmetingen van zo'n
spoelconstructie.
De gehele spoel kan gemaakt worden van dun koper pijp of
koperdraad van rond 3mm. Voor de type's boven de 800W neem je voor L3 een
dikkere pijp van 5 a 6mm. De diameter van L3 is 50mm, het aantal wikkelingen is
4 en de spoellenqte ongeveer 75mm. L4 bestaat uit 2 windingen van 60mm rond. Ook
L5 bestaat uit 2 windingen van dezelfde diameter. L6 heeft 4 windinge van 60mm
rond en L7 bestaat uit 12 windingen van dezelfde diameter. De totale lengte van
L4 t.e.m. L7 is +- 150mm. Als ondersteuning van zo'n spoel kun je b.v. een zware
5 standen keramische schakelaar S2 nemen, waarop de spoel met de aftakkingen is
gemonteerd. Ook kun je de spoel op verschillende plaatsen ondersteunen met
keramischce afstandstukken of isolators. Heb je een keramische spoelvorm, van
deze diameter, dan is de montage met een paar afstandstukken geen probleem. Je
kunt ook zelf een spoelvorm maken van een plaat teflon of polycarbonaat waar je
de spoel "omheen", of met van te voren geboorde gaten, "doorheen"
wikkelt. De uiteinden van deze plaat kun je weer met afstandstukken op het
chassis monteren.
Ziezo, de onderdelen zitten erop en in de laatste aflevering
gaan we de zaak afregelen.
Succes, Bouke - PAoZH